2014-03 HistoRik over ... Boris Gerasimovitsj


Boris GerasimovichBoris Gerasimovitsj (1889 – 1937)

( Борис Петрович Герасимович )

 

Hier het verhaal van een van de drie bekendste russische astronomen van die tijd. Het gaat vooral over de grote zuiveringen van 1936-1938 onder het bewind van Stalin. Zijn naam zijn we reeds tegengekomen bij de geschiedenis van de Struve-dynastie en bij Cecilia Payne

Zijn naam is Boris Petrovitsj Gerasimovitsj, geboren in Kremenchuk, Oekraine.

Hij studeert af in 1914 aan de Fysico-mathematische faculteit van de bekende universiteit van Charkov, Oekraine. Hij wordt er docent van 1917 tot 1922, dan professor van 1922 tot 1931 en hoofdastronoom van de Universiteit.

Tussen 1926 en 1929 reist hij vele malen naar Harvard, waar hij bevriend raakt met Harlow Shapley, en naar Yerkes Observatory, waar hij bevriend raakt met Otto Struve.

Zijn overgrootvader was Friedrich Georg Wilhelm von Struve, die we nog kennen als oprichter van de Pulkovo sterrenwacht in Sint Petersburg.

Gerasimovitsj wordt in 1931 astronoom in het Pulkovo Observatorium van Leningrad en directeur in 1933.

 

Zijn astronomisch werk beslaat 170 publicaties in verschillende talen over astrophysica en astronomie en vooral over volgende onderwerpen :

-Belang van interstellaire absorptie voor de calibratie van Cepheïden

-Verklaring van variaties in Be-sterren

-Studies van planetaire nevels (interactie tussen gravitatie en druk)

-Belang van kosmische stralen in de astrofysica

-Steratmosfeer : in 1927 tesamen met W. Luyten

-Met Otto Struve in 1929 : Studie en observatie van interstellair gas en absorptielijnen

-Met D. Menzel : model van de bron van sterenergie (Krijgen Award van NY Academy of Science)

-Met Cecilia Payne : Begrippen van de temperatuur in F-sterren

-Zonsverduisteringen o.a. een internationale expeditie waaronder Harvard naar de totale eclips van 19/06/1936 in Siberië.

 

Vanaf dan beginnen ook de stalinistische zuiveringen. Gerasimovitsj had  een rustige en vrije manier van werken, maar kon ook moeilijk en explosief zijn; Hij kreeg tegenwind van collega’s, partijdige amateurs en jonge nieuwelingen. Eigenlijk begon de zuivering in de Leningrad Astronomical Institute dat in 1919 gesticht werd door Boris Numerov (1891-1941) en werd onder zijn leiding een internationaal centrum voor theoretische astronomie. Hij was de leidende autoriteit in de sovjetunie op het gebied van de hemelmechanica. Hij werd gearresteerd in 1936 en moest onder druk een opgemaakt document tekenen dat hij deel uitmaakte van een contrarevolutionaire groep.

In Pulkovo kwam een 22-jarige astronoom uit Tashkent, maar het was een valse en werd dus ontslagen wat leidde tot een schandaal in de pers. Ook Kozyrev (1908-1993), een welbekende astrophysicus, werd gearresteerd. De NKVD (voorloper van KGB) zocht naar organisatoren van acties tegen het Stalin-bewind en werkte willekeurig. En Pulkovo werd aanzien als een zure appel. De astronomen daar waren te fier en onafhankelijk en reisden te veel naar het buitenland.  Dit alles leidde tot massale arrestaties vooral in Leningrad (Pulkovo, Universiteit en Academie) en in Tashkent. Het effect op de russische astronomie bleef tientallen jaren voelbaar.

Gerasimovitsj als directeur deed alles om Pulkovo te vrijwaren van verdere arrestaties en ijverde voor de vrijlating van de gevangen collega’s. Ook in het buitenland was de dreiging voelbaar en Harlow Shapley stuurde nog een uitnodiging naar Gerasimovitsj, maar deze seinde terug : “Sorry, bedankt, kan niet komen”. Maar op 30 juni 1937 werd ook hij gearresteerd op de trein van Moskou naar Leningrad. De beschuldigingen waren : “Misdaden tegen de Marxistisch-Leninistische ideologie, philosophische fouten, publiceren onder buitenlandse invloed van artikelen in niet-sovjet tijdschriften.”

Wat er verder met Gerasimovitsj gebeurde werd pas bekend in 1989, want hij werd geschrapt op alle lijsten, verwijderd uit de geschiedenis en annalen van Pulkovo, verwijderd van alle fotos. Hij was gewoon “verdwenen” en werd dus doodgezwegen.

 

Hier volgen nu wat biografische bijzonderheden om de sfeer van die tijd en de geschiedenis van het regime verder te documenteren.

Postoev (1900-1977), de vroegere directeur van de Tashkent sterrenwacht, werd vrijgelaten in 1939, maar mocht niet terug naar Tashkent en werkte dan als onderwijzer in Poltava, Oekraine.

In 1943 bezetten de duitsers de stad en moest hij als arbeider naar Duitsland met vrouw en zoon. Op het einde van de oorlog zat hij vast in de amerikaanse sector. Shapley probeerde voor hem een job te vinden, maar de Verenigde Staten weigerde alle aanvragen voor een visum. Hij ging in 1952 naar Brazilië en werkte tot zijn dood in  São Paulo aan het Astronomical and Geophysical Institute..

Kozyrev, waarvan eerder sprake, verkreeg onder impuls van de directeur van het Astrophysisch Observatorium van de Krim zijn vrijheid en bleef actief op het gebied van de hemelmechanica.

De meesten keerden echter nooit terug en ook de vrouwen van deze prominenten kregen gevangenisstraffen.

Vele jaren dacht men in het westen dat ook Gerasimovitsj het overleefd had en dat hij, hoewel onder armoede, nog leefde in Moskou. En ook Shapley gaf de hoop niet op.

In 1953 met de dood van Stalin werd het politiek klimaat gematigder, en alle astronomen werden gerehabiliteerd tussen 1955 en 1958, omdat er geen bewijzen konden gevonden worden van enige misdaad.

In Sky and Telescope van juni 1957 schreef Otto Struve te hopen dat de waarheid nu vlug zou geweten worden. Maar na het afzetten van Nikita Kroetsjov was er weer een periode van stilte.

Het is pas met de Glasnost (openheid) van Michail Gorbatsjov dat de goed verzegelde “Zaken”

tegen de astronomen aan het licht kwamen en dat de volledige waarheid bekend werd.

Gerasimovitsj werd dus gevangen genomen in juni 1937, kreeg zijn proces op 30 november 1937 en werd dezelfde dag geëxecuteerd door een vuurpeloton.

Zijn vrouw Olga kwam vrij in 1940 en ging werken in de bibliotheek van de sterrenwacht van de Krim. In Sky and Telescope van october 1989 schreef Robert McCutcheon er een artikel over.

Gerasimovitsj is de enige directeur die niet begraven ligt in Pulkovo, maar er is wel een krater op de maan naar hem genoemd, hoewel niet aan de voorzijde.

Hij kreeg onderscheidingen in de sovjetunie in 1924, 1926 en 1936. In Frankrijk in 1934 en in New York in 1929.

 

 

Krant “Mirovedenie” in 1937:

“De NKVD heeft een bende vijanden van het volk ontdekt in onze astronomische instituten.

Een ervan heeft als directeur zijn  positie misbruikt voor het ondermijnen van de sovjet wetenschap bij de internationale sterrenkundige gemeenschap”

 

Krant “Smena” in 1989 :

“Van alle directeuren is hun graf in Pulkovo, maar niet van Gerasimovitsj. Maar op de maan is er wel een krater naar hem genoemd. Maar zijn naam en die van alle anderen blijven leven.

Wij betuigen onze dank aan allen die naar de sterren bleven reiken tijdens het Stalin-bewind”